De opbouw van immunoglobulinen
Een immunoglobuline of antistof bestaat uit twee
identieke zware en twee identieke lichte aminozuurketens die samengehouden worden door covalente
(zwavelbruggen) en niet-covalente bindingen. Bij elk van deze ketens is er een
onveranderlijk (constant) deel, en een veranderlijk (variabel) deel. Het constante
deel staat in voor de stabiliteit en de interactie met lichaamseigen receptoren op
(immuun)cellen. Het variabele deel (CDR 1+2+3) bindt het antigeen.
Door middel van enzymen kan het molecule een antistof in drie delen worden
gesplitst: twee Fab fragmenten (dit zijn de antigen-bindende delen) en een Fc
-deel. De Fab fragmenten bestaan uit de lichte en een deel van de zware keten.
Het Fc-deel bestaat uit een deel van beide zware ketens.
Er zijn 3 verschillende vormen van immunoglobulinen:
Er zijn 5 verschillende typen immunoglobulinen:
Er zijn 5 verschillende typen: immunoglobuline M (IgM), G (IgG), A (IgA), E (IgE),
en D (IgD). Ze worden allemaal gemaakt door B-lymfocyten of wel B-cellen, maar
onder verschillende omstandigheden.
Terug naar het overzicht
